De Grote of Ned. Hervormde Kerk te Harlingen
 
                                              "De Dom van Almenum"


Reeds  in het jaar 777 werd er op de plaats van de Grote Kerk een kerkje gebouwd op een 5 meter hoge wal.

Daaruit mag de conclusie worden getrokken dat op deze plek het langste onafgebroken de christelijke eredienst in Fryslân gevierd wordt. De afmetingen bedroegen 22,50 bij 10,25 meter. De kerk werd gewijd aan de aartsengel Michaël, de drakendoder. Ook de Friese heilige Magnus Forteman is aan de kerk verbonden. De Harlinger held Herilo ontving in de negende eeuw als dank voor zijn strijd tegen de Saracenen van de paus een relikwie van St. Magnus. Deze werd ingemetseld in de Dom.

Het kerkje was gemaakt van hout, het dak was bedekt met riet en werd zeker twee maal door brand verwoest.

De Magnussage weet nog te vertellen van deze eerste kerk: “sente Michaëlis dome, ther to thirre tid was mith holte and reile ramed

Uiteindelijk verscheen er op deze plaats een grote twee-beukige zaalkerk van tufsteen met een uitbouw aan de noordzijde en aan de westzijde beschermd door een grote toren.

De Grote Kerk van Harlingen stond vroeger bekend als de Dom van Almenum. Vóór het einde van de 16e eeuw heette het dorp rond de kerk Almenum. Harlingen was de naam van het stadje dat een paar honderd meter westelijker was gelegen en de bevolking hiervan behoorde tot de parochie  van Almenum. Om welke reden deze kerk  - als enige in Fryslân  - de naam van DOM heeft gekregen is niet bekend.

Toen in 1580 het stadsgebied van Harlingen werd uitgebreid, kwam de kerk binnen het stadsgebied te liggen. De naam Almenum als dorpsgebied ten oosten van Harlingen, bleef tot in de vorige eeuw bestaan.

Naast de Grote kerk heeft in Harlingen vanaf 1650 nog een tweede kerkgebouw dienst gedaan, nl. de Westerkerk. Men sprak in die tijd wel van de "Oude Kerk" (de Dom van Almenum) en de "Nieuwe Kerk" (de Westerkerk). De Westerkerk maakte vroeger deel uit van het zogenaamde "Blokhuis" (kasteel) aan de haven. Deze kerk is in 1898 afgebroken. De gevelsteen, met de voorstelling van Michaël die de draak doorsteekt, die zich boven de ingang van de Westerkerk bevond, prijkt nu in de toren van het Raadhuis.

In 1771 was de Oude Kerk zo bouwvallig geworden dat het gemeentebestuur besloot dat er geen diensten meer gehouden mochten worden. Men besloot hem af te breken en een nieuwe kerk te bouwen. De grote tufstenen toren bleef staan en staat er nog altijd.


De bouw en ingebruikname van de huidige Grote Kerk 

In de zomermaanden van 1771 werd met de sloop van de Oude Kerk begonnen; 500 tufsteen werd verkocht, terwijl met ander puin de dijk bij het Midlumerpypke werd opgehoogd. De stadsbouwmeesters Eelke Jelles en Willem Douwes kregen de opdracht een nieuwe kerk in de vorm van het Griekse kruis te ontwerpen.  Ook de bekende stucadoor-architect Jacob Otten Husly werd bij de plannen betrokken.

Doordat de nieuwe kerk vanwege zijn kruisvorm afweek van de plattegrond van de oude, moest er eerst overeenstemming met de eigenaren van de graven zowel binnen als buiten de kerk bereikt worden.

Op 25 mei 1772 kon de eerste steen worden gelegd door jonkheer H.W. van Plettenburg, vertegenwoordiger van de prins. De zilveren troffel die hij hierbij gebruikte ligt thans nog in het Hannemahuis.

Hoewel het interieur nog in de grondverf stond en het orgel nog niet aangebracht was, werd de kerk op verzoek van de magistraat op zondag 1 januari 1775 in gebruik genomen in aanwezigheid van 3000 kerkgangers. Op deze zondag werd ook voor de eerste keer in alle Friese kerken uit de nieuwe berijming van de psalmen gezongen en werden die van Datheen ‘’voor althoos’’ afgeschaft. Ds. Piekenbroek was de voorganger. Als preektekst had hij Johannes 10:22 gekozen: “Ende het was het feest der vernieuwing  des tempels te Jeruzalem, ende het was winter.” De dienst begon om half twee en was om vier uur afgelopen, waarna er voor de genodigden op het stadhuis thee werd geserveerd, gevolgd door een goede maaltijd. Op 30 april 1776 werd het nieuwe orgel, dat gebouwd was door de befaamde orgelbouwer Albertus Hinsz van Groningen, in gebruik genomen.

Meer informatie en foto's van de Grote Kerk zijn te vinden op www.grotekerkharlingen.nl.